aside De Koninklijke Serres van Laken

Naar jaarlijkse traditie worden de Koninklijke Serres van Laken voor drie weken opengesteld voor het grote publiek. Voor ons de uitgelezen kans om binnen te kijken in dit unieke serrecomplex en te genieten van de architectuur en de koninklijke bloemen- en plantencollectie.

Het kasteel van Laken is sinds de onafhankelijkheid van België een van de residenties van de Belgische vorsten. Leopold I, de eerste koning der Belgen, breidde het domein uit met verscheidene aanpalende gronden. Zijn opvolger, Leopold II wilde van Laken een ontmoetingscentrum maken. Hij vergrootte het kasteel, breidde het domein verder uit en liet het park opnieuw aanleggen. Vermoedelijk geïnspireerd door het “Palm House” in de Kew Gardens (zuidwest-Londen, 1844-48) kreeg Leopold II het idee om een reusachtig serrecomplex te bouwen. Na veelvuldige gesprekken, briefwisseling en gepresenteerde voorontwerpen belastte de koning Alphonse Balat met de uiteindelijke realisatie.

Tussen 1874 en 1905 werden in meerdere fasen achtereenvolgens de diverse serres, verbindingsgalerijen en bijgebouwen opgetrokken.

De Koninklijke Serres van Laken omvatten verscheidene ijzer- en glasconstructies die onderling op ingenieuze en speelse wijze verbonden zijn door verglaasde galerijen. Op die manier maken ze deel uit van een soort glazen stad, waarin het spel van doorkijk en reflecties samen met de exotische plantengroei leidt tot verrassende ruimtelijke relaties. Dit laatste is typisch voor de art nouveau van bijvoorbeeld Victor Horta, één van de bekendste leerlingen van Balat.

De grootste serre, de ronde koepelvormige Wintertuin (1874) met een diameter van 60 m en een hoogte van 30 m, is opgebouwd uit een aantal concentrische gietijzeren spanten die halverwege hun overspanning extra ondersteund worden door een rondgaande Dorische zuilengang. De begin- en eindpunten van de spanten steunen op de grond zodat de serre het beeld biedt van een glazen koepel die door luchtbogen wordt geschoord. Door de enorme afmetingen was het mogelijk hier Congolese palmbomen te planten.

Tussen 1885 en 1887 ontwierp Balat nog de Palmen-, de Kongo- en de Dianaserres en ten slotte, in 1893 de “ijzeren kerk”, een door kranskapellen omgeven neo-Byzantijns geheel waarvan de koepel gedragen wordt door twintig kolommen van Schots graniet. Deze serre wordt dan ook officieel de Kapelserre genoemd.

Na het overlijden van Balat in 1895 voerden de architecten Henri Maquet en Charles Girault de laatste uitbreidingen uit. Leopold II riep de hulp in van de beste botanici, kwekers en leveranciers om de bloemen- en plantencollectie in de serres uit te bouwen tot een van de mooiste van het Europese vasteland.

De koninklijke plantencollectie bevat een aantal planten die reeds in de tijd van Leopold II werden aangeplant. Er zijn vele plantensoorten te zien waaronder azalea’s, banaan, bamboe, Belgische vlag, BrugmansiaCamellia japonica, Chinese schermpalm, fuchsia’s, hibiscussen, hertshoornvaren, hortensia’s, Japanse sierkers, Kaapse jasmijn, Medinilla magnifica, orchideeën, palmen, pantoffelplant, paradijsvogelbloem, Pelargonium, rododendrons, rozen, varens, en de witte aronskelk.

Ons bezoek aan de Koninklijke Serres begint in de Oranjerie. Deze biedt plaats aan een stand met souvenirs, gaande van postkaarten van de leden van de Koninklijke familie, boeken over de Koninklijke serres tot bloembollen om je eigen tuin van de nodige koninklijke flair te voorzien en een gezellige “bar” waar je een kleine snack en een drankje kan kopen (aan zeer democratische prijzen).

Vervolgens gaan we via de Theaterserre naar buiten, met aan de rechterzijde het Koninklijk Paleis en aan de linkerkant de Wintertuin, en wandelen we zo het 194 hectare grote park rond het paleis in. Vooraleer we aan de Embarcadereserre aankomen krijgen we alvast de gerestaureerde koepel van de Congoserre te zien.

Van aan de Embarcadère of Perronserre genieten we van het uitzicht over het prachtige, glooiende parklandschap en zien we in de verte de skyline van Brussel en de Japanse Toren.

We wandelen langsheen een charmant landelijke huisje met rieten dak waar het Atelier van Koningin Elisabeth gehuisvest is. Via de Palmenserre en Azaleaserre kan je het interieur van het atelier van naderbij zien. Daarna gaat we via de Geraniumgalerij en Dianaserre naar de Spiegelserre en ondergrondse galerij om uit te komen in de Embarcadère.

De Embarcadereserre werd gebouwd in 1886-1887 en deed dienst als onthaal voor de genodigden bij ontvangsten in de Wintertuin of de Eetzaalserre. Aan de uiteinden van de Embarcadere staan twee beelden van Charles Van der Stappen, de Dageraad en de Avond. Daartussen staan een aantal Chinese vazen die Koning Leopold II, als Hertog van Brabant, meebracht van een reis naar het Verre Oosten. De lichtroze bloemen in de vazen zijn Medinilla’s, tropische planten uit de Filippijnen.

Via de Congoserre gaat het vervolgens naar de Wintertuin. De Wintertuin bij het paleis te Laken fungeert nu als decor voor de ontvangsten van de koning en wordt samen met de serres elke lente, volgens de wens van Leopold II, gedurende 20 dagen voor het publiek opengesteld. We beëindigen ons bezoek aan de Koninklijke Serres met een heerlijke éclair in de Orangerie en spreken af dat we zeker terugkomen voor de nocturnes.

PRAKTISCH:

Waar

De Koninklijke Serres zijn te bereiken via de erehekken van het Kasteel te Laken, Koninklijk Parklaan, 1020 Brussel.

Kom je met de auto dan kan je parkeren recht tegenover het Kasteel van Laken aan de Vorstenhuislaan. Kom je met het openbaar vervoer dan is halte De Wand op tramlijnen 3, 7 en 19 het dichtstbij. Met bus 53 (MIVB) en 230, 231, 232 (De Lijn) stap je af aan halte Koninklijke Serres.

Toegankelijkheid

Voor personen met beperkte mobiliteit wordt een specifiek – maar korter – parcours aangeboden. Het bezoek aan het geheel van de serres is mogelijk, maar er zijn geen bijzondere aanpassingen of ondersteuning voorzien. Personen met beperkte mobiliteit bezoeken de serres bij voorkeur op dinsdag 8 mei. Op die dag wordt het “specifiek” parcours uitgebreid tot bijna het volledig bezoektraject en bieden vrijwilligers van Defensie assistentie aan rolstoelpatiënten.

Prijs

€ 2,50 per persoon. Gratis onder de 18 jaar. De toegangsprijs wordt volledig besteed aan het Hulpfonds van de Koningin, aan restauratiewerken en aan de aanschaf van kunstwerken voor de Koninklijke Verzameling.

Wanneer

De Serres zijn elk jaar gedurende drie weken open voor het publiek. De exacte data en uren vind je op www.monarchie.be.

Leave a Reply